Bert en Truus Jansen #97

Bert en Truus Jansen #97

Bert en Truus Jansen #97

'Goh, wat kun je hier op de camping toch lekker slapen', gaapte Truus. Ze kwam de voortent uit. 'Morgen allemaal.'
'Morgen, schatje. Komt door dat kabbelende beekje hiernaast. Dat geruis, heerlijk. Je dommelt zo weg.'
'Ie bedoelt dat irritante streumke?', vroeg Wim. Hij keek wat zwaar.

'Slaap jij er niet lekker op, Wim?', vroeg Truus.
'Breek me de bek niet los', mopperde Mam. 'Ik word knettergek van die vent.'
'Nu pas?', lachte Bert.
'Wat mot ie dan, wiesneus. Dat streumke klotst de hele nacht deur. Ik doe geen oog dicht.'
'Oksels klotsen, Wim, beekjes kabbelen', lachteTruus.

'Kunnen ze hem niet ergens uutzetten? Op een knupke duwen? Hij streumt toch alleen moar veur de toeristen.'
'We kunnen er een dam inleggen. Dat deden wij vroeger ook, weet je nog Mam?'
'Ja, jij met je zus. Konden jullie je de hele vakantie mee vermaken.'
'Een dammeke? Woarvan dan. Holt?'
'Nee, van keitjes. Die liggen volop in de beek.'
'En hielp dat?', vroeg Wim.
'Ja, dan stopte het kabbelen en ontstond er een vijvertje.'

'Dat liekt mien wel wat. Kunt wie mooi samendoen, Bertje.'
'Dacht het niet, Wim. En jij gaat dat ook niet doen.'
'O? En waarum dan niet? Het geet om mien nachtrust.'
'Ja, en ook om die van mij. Je blijft mooi van mijn Zwitserse slaappil af.'

Bart

Al 50 jaar alles voor de buitenmens. Voor 17:00 besteld = zelfde dag verstuurd!